|
ANNA,
O ANNA!
Je
hebt van die dagen aan het eind van november, dagen zonder regen, wind en
pekel, dagen die nog prima geschikt zijn om de Mono te starten en te kijken
waar de einder begint. Dit is ook zo'n dag. Het is stil en grijs weer. Geen
zon, geen wind en droog. Ik moet naar Nijmegen voor mijn werk en Anna is er
goed voor. Jullie kennen haar geboorteverhaal wel, ik heb haar eerder
voorgesteld, met haar naamgenootje op haar zadeldek. Zij was al door de dokter
opgegeven, maar is nu de knapste van de klas met haar gemoffelde en strak
gespoten rondingen, met de zachte glans van haar roestvrij stalen spaakjes en
haar pittige 12 volt vonkjes! Ze was al in Duitsland, Frankrijk, Luxemburg en
België. Eén ding is mij altijd blijven dwarszitten. Een bonkend, kloppend
geluid, vooral bij het afsluiten van het gas. Lange tijd heb ik het aan het
inlopen van de nieuwe zuiger toegeschreven. Het leek inderdaad wat minder te
worden. Maar het verdween niet. Ook heb ik de ophangrubbers er van verdacht.
Die imitatierubbers zijn veel te stug. Er is er al één gescheurd. Toch loopt
ze voor de rest erg mooi en is ze zo sterk dat ik haar voor de middellange
afstanden bij voorkeur gebruik, ondanks de zijspanoverbrenging. Ik zoek een
binnendoor-weggetje uit. Vanuit Bennekom door Wageningen heen laten wij ons
bij Zetten over de Rijn zetten en voort gaat het, de Betuwe door, tot aan de
Waal. Het is hier doodstil en Anna begint te dichten. "Zie ik brede
rivieren traag door oneindig laagland gaan.." Ik zeg flauw: "dan wil
ik mij langs haar dijken door alle bochten slaan". Wat is dit mooi! En
terwijl wij, zonder iemand tegen te komen, een buizerd, reigers en het vee
links laten liggen en de duwboten rechts, doemt Nijmegen op, achter de
Waalbrug, vaag in een grijze lucht. Ook de terugweg kan weer binnendoor, want
ik heb wat tijd over. De Waalbrug af, Lent door, richting Slijk-Ewijk. En dan
gebeurt het verschrikkelijke, ik voel het nog door me heen gaan. Is het
geratel? Is het geknars? Of is het gebonk en geknal? Ik denk allemaal. En
tegelijk lijkt Anna zich alle kanten op te willen wringen, het is alsof haar
motorblok alleen verder wil! Ik blijf op de weg, die gelukkig uitgestorven is.
En dan sterft ook Anna's geluid uit. We staan stil. Ik zoek de vrijstand. Ook
de koppeling is dood. Ik doof het licht en daar staan we dan, aan de dijk
gezet in de namiddag met alleen het gedreun van de aken nog in het
trommelvlies. Als ik probeer Anna in beweging te krijgen hoor ik een akelig
geknars en geratel. Een blik naar de rechterkant zegt genoeg: het blok zit nog
stevig op zijn plaats, maar tussen de versnellingsbak en de cardan is een
daverende ruzie ontstaan; de verbinding is verbroken! Hoe kan dat? De holle
pen, waarmee de cardan over de meenemer, die aan de versnellingsbak vastzit,
sluit, is ernaast geschoten. De Hardy-schijf is weg. Door de excentrische
beweging is niet alleen het aluminium kapje, dat over de meenemers hoort te
zitten, weggeslagen, maar ook de koppelingshevel is van het achterdeksel van
de versnellingsbak afgeslagen! Met medenemen van een brokje gietaluminium van
de houder op het deksel. De holle pen is ingeslagen. Wat een puinhoop! Heel
voorzichtig duw ik Anna de dijk af naar een boerderij en kom via veel lopen, 4
auto's, een pont en een autobus thuis. Maar 's avonds haal ik haar al op, ze
hoort thuis te slapen, ze is nog zo jong ..Nu moet ik proberen zo snel
mogelijk de onderdelen die kapot zijn gegaan weer bij elkaar te zoeken. Dat
zal niet gemakkelijk zijn, want zowel het versnellingsbakdeksel, (ik noem ze
maar even op, wie weet...) de koppelingshevel, het meenemerkapje, de
Hardy-schijf en, last but not least, de cardanas moeten vervangen worden.
En misschien nog wel meer. Maar bovendien moet het raadsel ontrafeld
worden hoe zoiets kon gebeuren! Hoe kan zo'n cardanas eenvoudigweg uit de
meenemer schieten? Zulke bokkesprongen maakte ik toch ook weer niet? Misschien
is de bevestiging van cardanas-meenemer wel niet de oorzaak, bedenk ik nu.
Misschien was de hele afstelling van de as met de meenemers wel incorrect. Ik
herinner mij dat de Hardy-schijf, die nu ergens langs de Waal ligt, erg ruim
zat. Is die van zijn plaats gekomen? En zijn daardoor de nokken van de
meenemers tegen elkaar gaan drukken zodat de holle pen eruit gedrukt werd? Ik
weet het niet. Ik
hoop dat jullie, medemonomakkers, een afdoende verklaring zult bedenken. En
een manier weten om zoiets in de toekomst uit te sluiten.
Vooralsnog staat Anna in de ziekenboeg. En dat doet zeer. Maar gelukkig is
Anna geen mens. Bij Anna valt alles te vervangen en tot nog toe werd ze er
alleen maar mooier op. Ik vraag daarom niet om bloemen en kaartjes, een
welgemeende raad en een enkel onderdeel zou ons al goed doen. Misschien komt
er een dag dat wij zonder gebonk en geklop verder zullen gaan. Misschien
zullen wij dit afschuwelijke geknars, geratel, geschud en gekreun wel uit ons
geheugen bannen....
Gert
Dekker
|