DE Z-REGELAAR
Om de dynamospanning binnen bepaalde grenzen te
regelen zit er een regelaar op de dynamo. In onze BMW's kan dat een F-type of
een Z-regelaar zijn. De F-regelaar is heel veel gebruikt in de Duitse
motorindustrie. Het is een regelaar met 1 regelspoel en 1 set contacten die 2
functies moeten vervullen. Hij moet ten eerste de dynamo en de accu van elkaar
loskoppelen als de dynamospanning te laag is. Ten tweede moet hij de
dynamospanning regelen. Hoe een regelaar regelt ga ik nu niet beschrijven. Dat
is al uitgebreid door anderen gedaan.
De Z-regelaar is veel zeldzamer, maar toch in BMW
kringen welbekend. Hij werd gebruikt in de boxers en de R26/R27. Deze regelaar
heeft ook maar 1 regelspoel, maar nu zijn er twee contacten. De
schakelcontacten aan de ene kant en de spannings regelcontacten aan de andere
kant. Hierdoor is het voor Bosch makkelijker geweest om deze twee functies af
te stellen. Voor de gebruiker was er een nadeel. De F-regelaar was instelbaar,
de Z-regelaar niet. In alle publicaties van Bosch en BMW werd streng afgeraden
om zelf aan de regelaar te prutsen. Als bij controle bleek dat de spanningen
niet meer klopten, dan had men maar een nieuwe te kopen. En in de tijden dat
zo'n regelaar een paar rijksdaalders kostte was dat misschien wel een goed
idee, maar nu gaan ze voor 800 gulden over de toonbank en veel mensen kopen
dan maar een elektronische regelaar. Toch is een Z-regelaar heel eenvoudig af
te stellen. Alleen omdat je lipjes moet verbuigen in plaats van schroefjes
verdraaien zul je het niet euwig kunnen herhalen. Maar tot nog toe heb ik
niets gebroken. Als je de contactengoed bekijkt zie je dat de contact lip aan
een bladveer vastzit die zo bevetstigd is dat de contact lip naar buiten
gebogen wordt. De regelmagneet moet hem dus tegen deze veerspanning in weer
naar binnen trekken. De magneet wordt daarbij geholpen door een tweede
bladveertje dat van buiten naar binnen duwt. Tussen dit tweede veertje en de
contactlip zit een lipje waarmee je de voorspanning kunt regelen. Hoe verder
dit lipje naar buiten wijst, des te hoger is de voorspanning van deze
hulpveer, dus zal de aanspreekspanning van dit contact lager zijn. Met dit
lipje kan je ongeveer tussen 6 en 8 Volt regelen. Voor een goede afstelling moet je 4 metingen
verrichten.
De uitschakelstroom.
Als de motor van hogere toeren langzamer gaat
draaien, zal de dynamospanning ook dalen tot onder de accuspanning. De
schakelcontacten worden dan nog steeds door de accuspanning gesloten gehouden.
Maar nu gaat er een stroom van de accu naar de dynamo lopen. Deze stroom loopt
door de stroomspoel en zal aldus het contact weer open duwen. Volgens Bosch
mag deze stroom tussen 2.5 en 9 Ampere liggen, maar 9 A is wel heel erg hoog.
In de schema's kan je eenvoudig vinden hoe je je
meter moet aansluiten, welke draden je los moet trekken of juist vast zetten,
etc. Als je dat niet eens kunt vinden, is het misschien raadzaam om van je
regelaar af te blijven (grijns...).
Zelf houd ik altijd de spanningen aan de lage kant.
Tijdens het gebruik wordt de regelaar heet en dan kan de geregelde spanning zo
een halve Volt hoger liggen, met als gevolg dat je accu overkookt en je
gloeilampen doorbranden. Het afstellen doe ik met een klein tangetje met
gladde bekken dat je bij een electronica zaak kunt krijgen. Een geribbelde bek
maakt groefjes in de lipjes, waarlangs hij dan weer kan breken.