6-VOLT-LAADSTROOMREGELAAR
De hier
gepresenteerde onverwoestbare elektronische regelaar werd
oorspronkelijk ontwikkeld voor de motorfiets BMW/EMW R35. Sindsdien
rijden er een flink aantal motorfietsen van dit type rond met deze
regelaar. Maar in feite kan deze schakeling toegepast worden bij elk
motortype waar een 6-V-accu wordt gebruikt in combinatie met een
massageregelde lader. Het prototype van deze regelaar is getest in
een motorfiets van het type EMW R35/3. Dit type werd in de dertiger
jaren van de vorige eeuw door BMW (Bayerische Motor Werken) gebouwd
als R35. Later is deze motor nog jaren lang in grote aantallen
geproduceerd door Eisenacher Motoren Werken (EMW). De in dit artikel
beschreven elektronische regelaar biedt een modern alternatief voor
de storingsgevoelige en moeilijk afregelbare mechanische regelaar
die van origine in de R35 gemonteerd is. Bovendien regelt deze
schakeling beter. De originele regelaar is namelijk niet in staat om
de accu vol te houden als het licht voortdurend aanstaat, iets dat
tegenwoordig gewenst is. Wordt de mechanische regelaar ter
compensatie hiervoor wat hoger ingesteld, dan wordt de accu
genadeloos overladen zolang het licht uitgeschakeld is. Deze
problematiek behoort met de hier gepresenteerde regelaar definitief
tot het verleden. De elektronische regelaar is in principe geschikt
voor alle 6-V-dynamo’s tot 75 W, waarbij de veldwikkeling aan massa
ligt. De ruststroom van de schakeling bedraagt 250 μA. De
eindlaadspanning is met behulp van een spanningsdeler aan te passen
aan het type van de gebruikte accu (7,25 V voor lood-gel en circa
7,35 V voor een natte loodaccu). De regelspanning heeft een licht
negatieve temperatuurscoëfficiënt van –7 mV/ºC, iets dat positief
uitwerkt op de levensduur van de accu.
Het origineel
In figuur 1 is het elektrische schema te zien
van de originele laadregelaar. De werking hiervan kan als volgt
worden omschreven.

Figuur 1
In rust is de
shuntschakelaar (contact 4/5) geopend en de triltong (contact 2) van
de contactregelaar voor de veldstroom ligt aan contact 3 (massa).
Als de dynamo gaat draaien, zal aanvankelijk door het remanent
magnetisme in het ijzerpakket (restmagnetisme) een kleien spanning
worden opgewekt in het anker. Deze kleine spanning zorgt voor het
bekrachtigen van de veldspoel, waardoor uiteindelijk de
dynamospanning zal worden opgebouwd. De opgewekte spanning is in
principe afhankelijk van het toerental. Bij een bepaald toerental
wordt een dynamospanning van 6,5 V bereikt. Bij deze waarde sluit
contact 4/5 van de shuntschakelaar, waardoor de accu (aangesloten op
klem 51) zal gaan laden. Bij een verder stijgend toerental zal ook
de spanning verder toenemen. Als de spanning echter te hoog wordt,
zal het middencontact (contact 2) dat wordt bediend door de
elektromagneet los komen van contact 3 (massa). Hierdoor wordt een
draadgewonden weerstand die is ondergebracht in de statorbehuizing
van de dynamo, in serie geschakeld met de veldwikkeling. Daardoor
wordt de veldstroom gereduceerd en zal de opgewekte spanning iets
dalen. Neemt het toerental van de motor nog verder toe, dan zal de
veldwikkeling over contact 1 geheel worden kortgesloten, waardoor de
spanning weer zal afnemen. Deze procedure wordt zeer snel doorlopen.
Het regelcontact schakelt met 50 tot 250 Hz en zorgt voor een
vrijwel constante boordspanning van ongeveer 7 V. De shuntspoel
bestaat uit relatief dik draad en is in tegengestelde zin over de
elektromagneet gewikkeld. Hierdoor wordt het opgewekte veld wat
afgezwakt op het moment dat er veel stroom loopt naar de accu.
In figuur 2 is de elektronische regelschakeling
te zien die de mechanische regelaar vervangt.

Figuur 2
In de plaats van
het regelcontact is hier gekozen voor een MOSFET die de
veldwikkeling naar massa schakelt. Het tweede regelcontact met de
6-Ω-weerstand ter vermindering van de veldstroom kan bij deze
elektronische regelaar achterwege blijven. Transistor T1 wordt
aangestuurd door IC1, een micropower-comparator MAX921 met een
ingebouwde spanningsreferentie. Het blokschema van wat er zich in
dit IC afspeelt, is te zien in figuur 3. Omdat dit IC permanent met
de accu is verbonden, is gezocht naar een comparator met een gering
stroomverbruik.

Figuur 3
Het leeuwendeel van
de ruststroom vloeit echter door de diodes D1en D2 in de richting
van de spanningsdeler bestaande uit R1 en R2. Zolang de som van de
zenerspanning van D2 en de drempelspanning van D1 rond de 6 volt
ligt ( rustspanning van de accu ). Zal in deze tak niet veel
ruststroom lopen. Bij uitgeschakelde motor dient de ruststroom van
de gehele schakeling minder dan 250 μA te bedragen, iets dat bij
ingebruikname moet worden gecontroleerd. Het ladingsverlies als
gevolg van de ruststroom is daarmee kleiner dan de zelfontlading van
de accu. Pas als de accuspanning boven de 7 V uitkomt, zal de stroom
door de spanningsdeler toenemen. De exacte waarde van de
spanningsdeler is bepalend voor de laadspanning van de regelaar. Bij
de gewenste eindlaadspanning aan pen 4 van IC1 precies gelijk aan de
interne referentie spanning ( pen 3 ). Met behulp van de weerstanden
R4 en R5 is een schakelhysteresis in gebouwd, waardoor de MOSFET
snel en verliesarm schakelt. De diodes D3 en D4 beschermen de
comparator tegen inductieve spanningspieken op het boordnet.
Condensator C1 zorgt voor een tijdsconstante en voor extra
storingsonderdrukking. Hierdoor wordt ook een passende
schakelfrequentie bereikt voor deze aan-uit-regeling. Is bij een
andere motorfiets een andere schakelfrequentie gewenst, dan kan de
waarde van C1 overeenkomstig worden aangepast. Diode D5 is een snel
schakelende flyback-diode die de veldstroom na het afschakelen van
de veldwikkeling afvoert, (reductie van de zelfinductiespanning). De
juiste laadspanning wordt in een dynamisch proces ingesteld. De
veldwikkeling middelt dankzij de grote inductiviteit samen met de
flyback-diode de veldstroom. Diode D6 vervangt bij de electronische
regelaar de mechanische schakelaar voor de shuntspoel. Hiervoor is
een Schottky-dubbeldiode met een geringe drempelspanning genomen.
Het gekozen type kan, met met beide diodes paralel geschakeld, de
kortsluitstroom gemakkelijk verwerken. Varistor R6 beschermt de FET
tegen ontoelaatbaar hoge spanningpieken aan de drain. De hier
toegepaste FET, een BTS115A, heeft een geringe onderweerstand.
Bovendien heeft deze FET een thermische beveiliging aan boord(
TEMFET ). Hierdoor wordt de FET afgeschakeld bij een te hoge
temperatuur. Om ook de flyback-diode te beschermen wordt de FET op
hetzelfde koelprofiel gemonteerd als de flyback-diode.
De praktijk
In figuur 4 is de print te zien waarop de
schakeling is opgebouwd. Bij veel onderdelen is gekozen voor een
SMD-behuizing omdat in het dynamohuis niet al te veel ruimte over
is. Op de plaats van condensator C2 is, vanwege de hoge temperaturen
in deze toepassing, niet gekozen voor een meerlaags keramische
condensator.

Figuur 4 afmetingen printplaatje 3.8 x 2.2 cm
Voordat de bestukte
print op de regelplaat wordt gemonteerd en wordt ingegoten, moet de
schakeling eerst nog worden getest en afgeregeld. De waarden van
R1.A en R1.B hangen af van het toegepaste accutype. Als richtwaarde
voor R1.A wordt in de onderdelenlijst een waarde van 6k8 gegeven. De
afregeling gebeurt hier statisch met behulp van een 470-k-potmeter
die met twee draden( loper en een van de andere aansluitingen )
tijdelijk de plaats van R1.B inneemt. Als afregelhulp kan tijdelijk
een LED met voorschakelweerstand gemonteerd tussen de aansluitingen
D+ en DF. Daarbij moet de flyback-diode even worden overbrugd (
draad tussen D+ en klem 51 ). Gebruikmakend van een
laboratoriumvoeding wordt een spanning, exact gelijk aan de gewenste
eindlaadspanning, aangesloten tussen massa en pen 51. Welke spanning
moet worden gekozen bij een bepaald accutype is vermeld in tabel 1.
|
Type accu |
Eindlaadspanning (V) |
|
Lood gel |
7.25 |
|
Lood nat |
7.35 |
|
NiCd nat |
7.40 |
Tabel 1
Wie niet veel
rijdt, kan deze spanning met 100mV verhogen. Wie buitengewoon veel
rijdt, daaentegen, kan de aangegeven waarde met 100mV verlagen. Bij
het afregelen wordt de potmeter zo ingesteld dat de LED eerst brandt
en bij verder draaien dooft. Vervolgens wordt de potmeter opnieuw
met veel gevoel zodanig ingesteld dat de LED juist weer brandt.
Aansluitend kan de potmeter worden losgenomen en de ingestelde
waarde worden gemeten. Voor R1.B wordt nu een waarde gekozen die het
dichts bij de gemeten waarde ligt. Voor het inbouwen wordt de print
op een passende regelplaat gemonteerd en aangesloten. Daarna kan het
geheel worden ingegoten, waardoor de gevoelige schakeling wordt
beschermd tegen de vuile en voor elektronica vijandige omgeving. In
figuur 5 is het prototype te zien.

Figuur 5
Voordat de elektronische regelaar wordt
ingebouwd, is het aan te bevelen om de dynamo te reviseren. Deze
regelaar heeft een minimale accuspanning nodig. Dus zonder accu of
met een diep ontladen accu zal de schakeling niet werken. Tot slot
wensen we iedereen met de elektronische regelaar nog een goede reis
en vooral veel licht op de weg.
Onderdelenlijst
Weerstanden
(SMD-behuizing 1206)
R1
=6k8 (zie tekst)
R2,R5 =4k7
R3 =100Ω
R4 =1M5
R6 =S05K20 (varistor)
Condensatoren
(SMD-behuizing 1206)
C1
=4n7
C2 =3μ3 (keramisch meerlaags)
Halfgeleiders
D1
=LL4148
D2,D3 =zenerdiode 5V1 (SMD)
D4 =zenerdiode 9V1 (SMD)
D5 =EGP50D
D6 =BYV32E-100
T1 =BTS 115A
IC1 =MAX921
Print
050241-1
leverbaar via The PCBShop (www.elektuur.nl)
(Artikel overgenomen uit Elektuur februari
2006. Copyright 2006 Segment B.V.)
Uit de praktijk.
Door eenvoudig de onderdelen en het
printplaatje te bestellen heb je alle elektronische benodigdheden in
huis. Maar let wel op met het samenbouwen. Vele SMD onderdeeltjes
zijn zelf niet gecodeerd, gelukkig de verpakking wel. Begin met het
plaatsen van de weerstandjes, gevolgd door de condensators. Mede
omdat diode D5 relatief groot is, is het verstandig om eerst IC 1 te
plaatsen, je hebt dan meer ruimte voor je soldeerboutje. T1 en D6
zijn op een koelplaatje van aluminium gemonteerd met isolatie
ringetjes en een mica isolatieplaatje. Beide onderdelen moeten
elektrisch van elkaar en van massa gescheiden zijn! Nadat je alles
netjes geplaatst hebt, wordt het tijd voor de afregeling. Dit heb ik
op de werkbank uitgevoerd volgens de beschreven procedure. De
eindlaadspanning is op 7.25 Volt ingesteld. Nu nog een nette
(waterdichte)behuizing en het geheel kan onder de tank geplaatst
worden, in mijn geval op de R27. Maak niet de fout om bij de R27 de
draadjes van de koolborstels te kruisen Ed, het werkt dan niet. De
regelaar werkt tot volle tevredenheid, na montage zijn er honderden
kilometers verreden met de verlichting aan. Onderdelen zijn te
bestellen bij Geist Electronic-Versand GmbH
Email
info@geist-electronic.de
Internet www.geist-electronic.de
Artikel Nr.
Omschrijving Prijs
060203-1XBT 6V Lichtmachinenregler Bauteile
18,45 Euro ex. BTW
050241-1X 6V Lichtmachinenregler X-Platine
4,74 Euro ex. BTW
Nico Puiman